Het opzadelen van je paard


Publicatie datum:

De laatste stap voordat je gaat rijden

Gesponsorde koppelingen

Je hebt je paard netjes geborsteld, zijn hoeven uitgekrabd en zijn staart en manen vrij van stro gemaakt. Oftewel hij ziet er perfect uit en is klaar om bereden te gaan worden. De meeste mensen die nog nooit op een paard gezeten hebben, kunnen niet rijden zonder zadel, een zadeldekje en een hoofdstel. De meeste mensen die al vaker op een paard gezeten hebben, trouwens ook niet. Om te kunnen rijden heb je dus, met een chique woord, tuigage nodig. Ook dit moet weer op een bepaalde manier vastgemaakt worden maar het is echt niet zo ingewikkeld als dat het eruit ziet.

Gesponsorde koppelingen

Het hoofdstel

Het hoofdstel zit, zoals de naam al zegt, om het hoofd van het paard. Wanneer je het hoofdstel optilt, zal dat ijzeren ding wat eronder hangt gelijk opvallen. Dat noemen we het bit en het gaat in de mond van het paard. Logischerwijs moet dit gedeelte dus onder aan het hoofdstel hangen. Wanneer je hoofdstel vast hebt, is het bit dus het laagste punt. Wanneer je vanaf het bit omhoog gaat, komen we eerst de neusriem tegen, deze gaat om de neus van het paard. Vaak vinden we hier nog een extra riempje aan, de sperriem. Deze gaat straks voor het bit langs en zorgt er voor dat het paard zijn mond niet wagenwijd open kan doen. Gaan we  verder omhoog, dan komen we de frontriem tegen. Deze loopt over het voorhoofd van het paard en vaak zitten hier wat versieringen op. Het stuk dat je, als het goed is, in je hand hebt zitten noemen we het kopstuk en dit zit straks achter de oren van het paard zodat de rest van het hoofdstel ook blijft zitten. Ga je vanaf het kopstuk via de zijkanten naar beneden, dan kom je de keelriem tegen. De naam zegt al waar dat deze geplaatst moet worden. Het bit vervolgens zit via zogenaamde bakstukken vast aan het kopstuk en aan het bit bevinden zich lange leren lijnen en deze noemen we teugels. 

Aandoen van het hoofdstel

Wanneer we het hoofdstel aan doen bij het paard, staan we aan de linkerkant van het dier. Het paard staat dus aan de rechterkant van jou. We doen eerst de teugels over zijn hoofd zodat ze op de hals komen te liggen. Je hebt dan altijd iets om vast te pakken als het paard bedenkt dat hij ergens anders heen wil. Vervolgens gaan we met onze rechterarm onder de kin van het paard door zodat je rechterhand bovenop zijn neus uitkomt. Je pakt met deze hand de bakstukken bij elkaar. De riemen die het bit verbindt met het kopstuk van het hoofdstel. Deze zitten links en rechts van het hoofdstel en je voegt ze dus samen in je rechterhand. Hierdoor heb je je linkerhand vrij en met je linkerhand breng je het bit richting de mond van het paard. Veel paarden zijn getraind in het bit aannemen maar je zult er wellicht een paar treffen die hun mond niet open doen. Je kunt dan de duim van je linkerhand in de mondhoek van het paard brengen. Nee, je zult echt niet gebeten worden want het paard heeft hier geen tanden. Als reactie op jouw duim in zijn mond zal het paard zijn mond open doen waardoor je het bit naar binnen kan schuiven. Als het bit in de mond zit, pak je met je rechterhand de rechterkant van het hoofdstel en met je linkerhand de linkerkant van het hoofdstel vast en breng je het kopstuk achter de oren. De oren zijn van kraakbeen en kunnen dus buigen. Hierdoor wordt het al een stuk makkelijker om het kopstuk achter de oren te brengen.  Zorg dat de oren allebei voor het kopstuk zitten en dat de voorpluk over de frontriem heen ligt.

Vervolgens moet je de riempjes gaan vast maken. Onthoudt dat alle riempjes altijd links vastgemaakt worden. Je begint met het vastmaken van de keelriem. Deze zit op de juiste maat wanneer je een vuist tussen de keelriem en de keel van het paard kan zetten. Vervolgens ga je verder met de neusriem. De neusriem moet onder de bakstukken door gebracht worden, dus direct op de paardenhuid liggen zonder dat er een riem tussen zit. Anders duwt hij ongewild het bit strak en dat vinden de meeste paarden niet fijn. De neusriem zit op de juiste maat als je twee vingers tussen de neusriem en het paardenhoofd kunt zetten. Wanneer er een sperriem aan de neusriem zit, maak je deze als laatste vast. Deze gaat voor het bit langs en moet niet aangesnoerd worden. Deze riem hoeft namelijk niet strak te zetten, de andere riemen ook niet, maar de sperriem zorgt er alleen voor dat het paard zijn mond niet open kan doen.

Het zadel

Het zadel is uiteindelijk het gedeelte waar dat je op zit. Je kunt vrij snel zien wat de voor en achterkant is. De voorkant is een soort boog die over de schoft van het paard geplaatst wordt en de achterkant is een soort wipje. Je zit precies tussen deze twee in straks. Aan de zijkanten van het zadel, de plek waar je benen liggen, zitten de zweetbladen. Over deze zweetbladen lopen de stijgbeugelriemen met daaraan de stijgbeugels waar dat straks je voeten in komen.

Voordat je het zadel op kunt doen, heb je een zadeldekje nodig. Dit wordt met een chique woord een shabrak genoemd. Dit dekje wordt onder het zadel gelegd om drukplekken en schuren te voorkomen. Het zorgt er tevens voor dat het zadel wordt beschermd tegen zweet en andere beschadigingen. Het zadel moet op de paardenrug. Opzadelen doen we ook vanaf de linkerkant van het paard en je pakt de voorkant van het zadel dus met je linkerhand vast en de achterkant van het zadel met je rechterhand. Je tilt het zadel op de rug van het paard, de boog ligt op de schoft en legt het zachtjes neer. Vervolgens loop je rond het paard en verzeker je jezelf ervan dat het zadel overal recht ligt en dat er geen riemen dubbel zitten of dat het zadeldekje dubbel onder het zadel zit. Dit is voor het paard niet fijn en het kan drukplekken veroorzaken.

Wanneer je er van overtuigd bent dat het goed ligt, pak je het zadel nog een keer op, leg je het iets over de schoft neer op de paardenrug en schuif je het naar achteren totdat je een soort 'stop' voelt. Als het goed is, ligt het zadel dan op de goede plek. Tevens zitten er dan geen haren krom onder het zadel. Loop nog een keer om het paard heen of dat alle riempjes nog recht liggen en het dekje nog recht ligt en trek vervolgens het dekje op de schoft iets omhoog het zadel in. Hiermee voorkom je dat het gaat drukken op de schoft tijdens het rijden.

Als het zadel helemaal naar wens ligt, ga je de singel om doen. De singel gaat onder de buik van het paard langs en loopt achter de voorbenen. De singel maak je vast aan de singelstoten. Deze zitten vast aan het zadel en vaak zijn het er drie. Ze zitten vaak onder het zweetblad dus deze moet je optillen om bij de singelstoten te komen. De singel heeft maar twee aansluitingen dus meestal maken we gebruik van de voorste en de achterste singelstoot van het zadel om de singel aan vast te maken. Ook aan de andere kant van het zadel zitten singelstoten en daar maken we de andere kant van de singel aan vast. Let erop dat de singel ongeveer een handbreedte achter de voorbenen verloopt. Zorg dat je de singel niet gelijk heel strak trekt. De meeste paarden vinden het prettiger als je dit met beleid doet. Vaak laten we ze eerst een stukje lopen voordat we de singel helemaal aantrekken.


Auteursinformatie


Geschreven artikelen: 3
Leden aangebracht: 0

Meer uit de categorie dieren

Franse Bulldog

Informatie over de franse bulldog

Het leven van de slangen

Wat weten we eigenlijk over slangen ? Zijn ze allemaal gevaarlijk ? Je kan er hier over lezen.

De zwarte parels onder de paarden

informatie over het friese paarden ras.

De verzorging van Mongoolse gerbils

De belangrijkste dingen die je moet weten als je van plan bent een gerbil aan te schaffen.

Verzorging van ratten

Hoe verzorg je een tamme rat het beste? Hierover krijg je meer informatie.