Sparen voor de kinderen


Publicatie datum:

Hoe kun je het beste voor je kinderen sparen?

Gesponsorde koppelingen

Onderzoek wijst uit dat tachtig procent van de Nederlandse ouders spaart voor hun kinderen. De meeste doen dat om later de studie te kunnen betalen, sommigen om hun zoon of dochter een leuk startkapitaal mee te geven. Maar welke spaarvormen zijn er en wat past het beste bij jou? Dat hangt helemaal af van jouw wensen en omstandigheden.

Gesponsorde koppelingen

Sparen op de bank of kiezen voor een spaarplan

Er zijn twee manieren waarop je geld kunt sparen voor je kinderen: via de bank of via een verzekerde spaarplan. Sparen op de bank levert niet of nauwelijks rente op (minder dan twee procent), maar is wel heel flexibel. Je kunt naar behoefte geld inleggen, extra storten en opnemen. En in dat laatste zit een groot gevaar: meer dan de helft van de ouders die via de bank spaart, bereikt hun doel niet. Het geld wordt voortijdig weer opgenomen.

Een spaarplan biedt de zekerheid van een hogere, vaak gegarandeerde rente (van drie tot acht procent). Ook kun je verzekeren dat er voor jouw kindje wordt doorgespaard, wanneer jou iets zou overkomen. Maar tegenover het voordeel van een hoge opbrengst staat dat je minder gemakkelijk geld kunt opnemen. Welke manier van sparen past bij jouw? Dat hangt af van wanneer je het geld nodig hebt. Als jouw knd binnen tien jaar gaat studeren, dan kun je het geld het beste op de bank zetten. Wanneer je pas over meer dan tien jaar geld nodig hebt, dan kun je het beste voor een spaarplan kiezen.

Verschillende spaarplannen

Sommige spaarplannen zijn flexibel en kunnen worden aangepast aan veranderingen in je privesituatie. Je mag jouw inleg verhogen of verlagen, extra stortingen doen en het geld gespreid opnemen. Dat laatste is bijvoorbeeld heel handig als je het spaarplan wilt gebruiken om de studiekosten te betalen. Je hebt dan gedurende vier of vijf jaar geld nodig in plaats van een groot bedrag ineens. Bij ouderwetse spaarplannen spreek je aan het begin van de looptijd af hoeveel je per maand of kwartaal spaart. Je kunt dat eigenlijk niet meer veranderen. Omdat sparen voor de kinderen meestal een lange termijn heeft, is het verstandig om te kiezen voor een flexibel spaarplan. Een goede financieel adviseur kan je de juiste producten wijzen.

Garantie en rendement

Sparen bij de bank biedt je nooit zekerheid. Je krijgt een bepaalde rente (vaak een hogere instaprente) die vervolgens elke maand zal varieren. Past sparen op de bank bij jou, omdat je het geld, omdat je het geld al binnen tien jaar nodig hebt, dan is het verstandig om te kiezen voor een bank die niet stunt met hoge instaprentes. Je betaalt die hoge instaprente namelijk altijd zelf. Ook hier geldt dat een onafhankellijk financieel adviseur in staat is je de weg te wijzen.

Spaarplannen zijn er met en zonder garantie. Spaarplannen met garantie bieden je een minimumrente van drie procent. Door de winstdeling loopt het rendement in de praktijk op tot zo een zes of zeven procent. Spaarplannen zonder garantie beleggen meestal in aandelen of in een combinatie van aandelen en vastrentende waarden. De verwachte opbrengsten zijn vaak iets hoger (zo een acht procent), maar je kent het gezegde: in het verleden behaalde rendementen zijn geen garantie voor de toekomst: welk soort spaarplan bij jou past, hangt helemaal af van of je zekerheid zoekt of juist de hoogste opbrengst.


Auteursinformatie


Geschreven artikelen: 64
Leden aangebracht: 0

Meer uit de categorie leven

Wil je gelukkig worden?

Tips hoe gelukkig te worden en te blijven

Een avond met een prostituee (escort meisje)meelopen.

Ze wist niet wat ze zag, al die koppen voor het raam. Wat een eitje, dat karweitje haha.

Onzekerheid, hoe kan deze kwaal ontstaan en wat kun je ertegen doen?

Iedereen voelt zich af en toe wel eens onzeker. In dit artikel wordt besteed aan het ontstaan ervan, de nadelen/gevolgen en de mogelijke oplossingen

Het figuur van Augustus vergeleken met Napoleon.

De figuur van Augustus vergeleken met Napoleon.

Reptieleneieren en babyaapjes

Wie zal er het eerste – ik – zeggen?