Ontwikkelingen binnen de jeugdzorg

Beschrijving van ontwikkelingen in de jeugdzorg en jeugdhulpverlening van de afgelopen 500 jaar.

In dit artikel worden de belangrijkste ontwikkelingen in de jeugdzorg van 1500 tot 2005 besproken.

Gesponsorde koppelingen

Jeugd als aparte levensfase, weeshuizen en leerplicht
Een eerste belangrijke ontwikkeling is dat de jeugd werd gezien als aparte levensfase. Het kind werd belangrijker en ook niet meer zomaar gedood of te vondeling gelegd. Ook de opkomst van de weeshuizen was belangrijk: veel ouders stierven jong, en door de weeshuizen werden de kinderen niet meer aan hun lot overgelaten. In 1530 pleitte Luther voor invoering van leerplicht en vooral in de 16e en 17e eeuw groeide het aantal scholen. In de 18e eeuw kreeg het kind meer aandacht en werden kinderen uit de middenklasse en hoger in een ‘jeugdland' opgevoed. In 1784 werd de Maatschappij tot Nut van het Algemeen opgericht, waarin onderwijs werd gezien als tegenwicht voor armoede: hierdoor ontstonden armenscholen.

Industrialisatie
Door de industrialisatie ging men in de fabriek werken in plaats van thuis, waardoor het gezin zijn ‘thuisbasis' voor een belangrijk deel verloor. De aandacht verschoof naar van zorg voor wezen naar zorg voor criminele en verwaarloosde jeugd. Rond de eeuwwisseling van de 18e en 19e eeuw kwam orthopedagogiek op als tak van de wetenschap, waardoor er behoefte kwam aan omscholing van het personeel en ingrijpen van de overheid.

Kinderwetten
In 1874 ontstond de eerste kinderwet: de Wet op de kinderarbeid. In 1898 werden de Kinderwetten ingediend, in 1905 traden deze in werking en in 1901 kwam de Leerplichtwet tot stand. De Kinderwetten bestonden uit: (1) de Burgerlijke Kinderwet die bepaalde dat de staat de opvoeding van kinderen op zich neemt als de ouders hun opvoedingsplicht niet nakomen, (2) de Strafrechtelijke Kinderwet die aparte strafbepalingen regelt voor kinderen en (3) de Kinderbeginselenwet die procedurele veranderingen regelt in de rechtszaak. De overheid kon nu ingrijpen in het gezin. De jeugdhulpverlening en de jeugdgezondheidszorg ontwikkelden zich. In 1907 werd het eerste koloniehuis gesticht voor kinderen met een verminderde lichamelijke gezondheid. In 1928 werd de Nederlandse vereniging tot bevordering van consultatiebureaus voor moeilijke kinderen opgericht, waardoor de eerste gespecialiseerde ambulante zorg en de geestelijke gezondheidszorg voor jeugdigen ontstonden.

Na de Tweede Wereldoorlog
Na de Tweede Wereldoorlog kreeg de overheid meer aandacht voor de jeugdzorg. Er kwamen positieve ontwikkelingen tot stand, maar toch was het beeld van de jeugdbescherming niet goed. Prof. Koekebakker ontdekte dat veel tehuizen geen pedagogische diagnostiek en orthopedagogisch behandelplan hadden. Zijn rapport zorgde voor verbetering van details, maar de veranderingen schoten tekort.

De jaren '60
In de jaren '60 ging men anders denken over jeugd en jeugdbescherming. Er ontstonden actiegroepen en belangenorganisaties. De Belangenvereniging Minderjarigen richtte zich tegen de structuur van tehuizen, kinderbescherming en de maatschappij. Er moest meer aandacht komen voor liefde en affectie en het gezin kreeg weer een grotere rol. In 1974 werd de Gemengde Interdepartementale Werkgroep Jeugdwelzijnsbeleid (GIWJ of werkgroep MIK) ingevoerd. In 1979 volgde de oprichting van de Interdepartementale Werkgroep Ambulante en Preventieve Voorzieningen voor jeugdigen (IWAPV). De Wet op de jeugdhulpverlening nam de belangrijkste punten van de IWRV en de IWAPV over: de hulpverlening moest zo kort, licht, nabij en tijdig mogelijk plaatsvinden. Er ontstonden grote verschillen tussen jeugdzorg in de regio's.

Wet op de jeugdzorg
In 2005 trad de Wet op de jeugdzorg in werking, waarin de volgende hoofdpunten stonden: recht op jeugdzorg en versterking positie cliënt en versterking gemeentelijk jeugdbeleid. De Wet op de jeugdzorg maakt recht op jeugdzorg en integratie jeugdhulpverlening en jeugdbescherming mogelijk. In het voorjaar '05 is aangekondigd dat de Wet gewijzigd zal worden: gesloten opname zal dan mogelijk worden.

Bron:
Hermanns e.a., 2005, Handboek Jeugdzorg deel 1: Stromingen en specifieke doelgroepen, Bohn Stafleu van Loghum

Gesponsorde koppelingen

Facebook

Blijf op de hoogte van nieuwe dingen en deel ook je eigen artikelen op Facebook!

Reacties

 

Meer in Samenleving

Meer van Rochelle