Volkenrecht - Genocide in Bosnië


Publicatie datum:

Genocide in Bosnië wat 200.000 mensen het leven heeft gekost

Gesponsorde koppelingen

Het gaat over de zaak in Bosnië die aan 200.000 mensen het leven heeft gekost en de slachtpartij van Srebrenica onder andere.

Gesponsorde koppelingen

Genocidezaak

Eerst en vooral het begrip genocide.

1. Genocide:

Daarvoor is het nodig om te kijken naar de conventie die precies over genocide gaat, en dan hebben we de definitie van artikel 2 van de tekst van de conventie.

  • De tekst van artikel 2: daarin wordt omschreven wat volgens deze conventie genocide betekent. Daar is een opsomming te vinden met een aantal handelingen die als genocide worden beschouwd. Die opsomming op zichzelf, opgesteld na het einde van WOII, al veelzeggend is, maar wat is er nu zo belangrijk bij die definitie. Als je kijkt naar die tekst vind je daarin geen referentie naar het aantal slachtoffers dat bij een genocide gevonden zou moeten worden. In het dagelijkse taalgebruik denken we aan massale slachtoffers. De reden waarom het niet terug te vinden is, omdat de opsomming in artikel II, de handelingen daarin pas een daad van genocide vormen op 1 voorwaarde: !essentiële voorwaarde: als het gaat om handelingen with intent to destroy… Het moet dus de bedoeling zijn om een bepaalde groep die verder wordt omschreven gedeeltelijk of volledig te vernietigen.  Dat betekent meteen dat een daad van genocide als aan die voorwaarde voldoet eruit bestaan om één enkel lid uit een groep te doden. Het aantal slachtoffers is niet een criterium om de kwalificatie te gebruiken. De TWEEDE voorwaarde: het moet gaan om leden die behoren tot een raciale, etnische of religieuze groep. De omschrijving die in artikel 2 staat is eigenlijk de gemeenschappelijke noemer waarover consensus mogelijk was.  Dus elke poging om doelbewust leden van een groep te doden valt onder de kwalificatie genocide.  De voorwaarde is wel wie gedood wordt behoord tot de nationale, raciale, etnische of religieuze groepering. Opvalt is dat er niet gesproken wordt over politieke of sociale groepen.  Die zijn niet opgenomen in de conventie, omdat men de vrees had wanneer men politieke tegenstanders onder de noemer van genocide te brengen dat de VN verplicht zouden worden om tussenbeide te komen bij interne conflicten.  Dit heeft dus te maken met de non-interventie van de VN.

Is er dan wel een lacune: de politieke oppositie zou dan dus wel massaal worden afgeslacht zonder dat het genocide oplevert. Het verbod op genocide is een regel van jouskogis. Het verbod op genocide heeft dus een ruimer toepassingsgebied door ongeschreven recht.  Daardoor heeft het een ruimere toepassingssfeer dan artikel 2 van de conventie zelf.

  • Crimes against humanity. Ten tweede betekent het dat massale slachtpartijen, gedwongen verhuizen van burgers, verkrachting op massale schaal, dat zijn niet noodzakelijkerwijze daden van genocide, wel crimes against humanity. Dus wanneer systematisch burgers worden omgebracht, dan levert het crimes against humanity op, maar niet perse genocide, want de uitdrukkelijke bedoeling moet aanwezig zijn zoals deze in artikel 2 wordt genoemd.
  • Voorbeelden: in de 20ste en 21steeeuw zijn de volgende
  1. De genocide op de Armeniërs tijdens het Ottomaanse rijk, 1915/1916.
  2. De Holocaust die aanleiding heeft gegeven tot het opstellen van de conventie.
  3. The killing fields van Cambodia. Rode Khmer. 1975/1978.
  4. Rwanda 800.000 1994
  5. Voormalige Joegoslavië, midden jaren 90
  6. De genocide in Darfur

Dat zijn voorbeelden waarbij werd voldaan aan de voorwaarden van artikel 2 en waar de kwalificatie van een genocide van toepassing was en ook terecht was.

2. Belang Kwalificatie.

Je kunt zeggen, allemaal goed en wel, maar als er massale slachtpartijen plaatsvinden met 100.000’en slachtoffers, waarom moet je dan weten dat het genocide is, want het is al een crime against humanity. Met betrekking tot vervolging maakt het niet uit of het genocide (Gen) of Crimes Against Humanity (CAH) heet. Het heeft pas zin om een bepaalde kwalificatie te gebruiken als er juridische gevolgen aan verbonden zijn.

  • Wat moetenstaten doen? Het antwoord hierop ligt in artikel 1 van de conventie. De partijen die confirmeren dat er genocide is, die moeten ze proberen te voorkomen en vervolgen. Er is dus een dubbele verplichting voor staten.
  1. The duty to prevent. Te voorkomen. Extraterritoriale.
  2. The duty to  punish. Te vervolgen. Territoriaal beperkt
{{extraAds}}

We hebben het gehad over responsibility to protect, de voorwaardelijke soevereiniteit van de staten. In artikel 1 van de conventie werd geschreven voor R2P, maar in feite komt het daar op neer. De verplichting om genocide te voorkoming is in die tijd de vertaling van de verantwoordelijkheid die staten hebben om genocide te voorkomen. De verplichting om te voorkomen hangt dus samen met R2P. En van R2P profiteren de mensen/burgers van de staat. De staat moet zijn eigen bevolking beschermen, onder andere tegen genocide. 

In de Bosnië zaak is ook daarin van belang, omdat het hof in dit arrest heeft uitgesproken dat die verplichting om genocide te voorkomen ook extraterritoriaal geldt, buiten uw grondgebied. Het is een ding om te zeggen om te voorkomen op eigen gebied, maar een verdere stap om te zeggen dat het niet beperkt is tot eigen grondgebied, maar dat het begrip genocide ook slaat op bevolking buiten uw grondgebied.  Het voorkomen van een genocide, impliceert dit ook militair geweld, dan komen we terug bij de humanitaire interventie waar we het eerder over hebben gehad. De verplichting om over te gaan tot strafvervolging is wel territoriaal beperkt

Als je ziet welke verplichtingen staten hebben bij genocide, voorkomen en vervolgen. Dan begrijp je waarom de internationale gemeenschap erg aarzelen om een bepaalde situatie te kwalificeren als genocide. Want zodra het woord wordt gebruikt vloeien daar deze twee verplichtingen uit voort. Die aarzelingen zijn er bijvoorbeeld geweest met betrekking tot Darfur

  •  Wat kunnen staten doen? Naast wat ze moeten doen. Opnieuw de conventie. Kijk naar artikel 8 van de conventie.
  1. Artikel 8: een beroep doen op de bevoegde organen van de VN om actie te ondernemen.  Herinnering aan de eerste colleges over actie, dan gaat het over de VR. Dus als een situatie wordt gekwalificeerd als hier is genocide aan de gang en het aantal slachtoffers is dan irrelevant. Twee internationale verplichten en dan mogelijkheden voor staten om een beroep te doen op de VN en die moet dan maar actie ondernemen. Uit eerdere artikelen over de VR, die zich bezig houdt met vrede en veiligheid. M.b.t. genocide betekent het: dat elke genocide die op het punt staat om te gebeuren of aan de gang is per definitie een bedreiging van de internationale vrede en veiligheid via artikel 19 de sleutel tot actie van de VR op basis van hoofdstuk 7. Als er genocide is is het niet moeilijk voor de VR om er een bedreiging voor de vrede en de veiligheid te maken.  Door de schaal waarop die slachtpartijen plaatsvinden, maakt het al een bedreiging op de vrede en veiligheid. In verband met humanitaire interventie: een vergeefs beroep is een van de voorwaarden om tot humanitaire interventie over te gaan en hier is nadrukkelijk voorzien in de conventie.  Zij zien artikel 8 als een goed mechanisme, maar na WOII is er nog steeds genocide geweest
  2. Artikel 9 van de conventie is de tweede mogelijkheid. Hierbij gaat om een beroep op het internationaal gerechtshof.  Kijk maar naar de tekst: dispute… Dus als we op het grondgebied van een staat genocide plaats vindt, dan is het strijdig met deze conventie, dan kan elke staat op basis van artikel 9 een beroep doen op het internationaal gerechtshof om daarover een uitspraak te doen.

3. Verder met artikel 9, concreet met de Bosnië zaak. 

Art 9 kan dus de exclusieve bevoegdheidsgrond vormen voor een geschil voor het hof.  Art 9 denk aan het college over het internationaal gerechtshof, is een schoolvoorbeeld van een compromisoire clausule. Als er gedacht wordt over de toepassing van de conventie dan kan iedere staat dit voorleggen aan het hof, er is dan verder niks meer nodig.  Waarom is de Bosniëzaak zo belangrijk? Het was de eerste zaak die voor het hof kwam waarbij de beschuldiging luidde daden van genocide. Betekent niet dat een staat niet aansprakelijk is.

Wat zegt het hof: als artikel 1 van die conventie en dat hebben we net gezien, staten verplicht om genocide te voorkomen op hun eigen grondgebied, door een individu of een groep persoonlijk, dan kan het niet de bedoeling zijn van de conventie om genocide voor staten mogelijk te maken. Het bestraffen van genocide is er dus voor een individu of een staat.

Als je opnieuw denkt aan artikel 2 van de conventie en een enkele moord ook genoeg kan zijn voor genocide, dat wanneer we het hebben over de voorbeelden, dat ook bijna per definitie daden van genocide niet kunnen worden gepleegd zonder dat op de een of andere manier de staat daarbij betrokken is. Een gewoon individu of een groep kunnen niet massale slachtpartijen aanrichten met als doel om leden van een religieuze groep om te brengen zonder betrokkenheid van de staat zelf. Dat is de reden waarom er de combinatie is tussen individuele aansprakelijkheid en staatsaansprakelijkheid. Maar we weten ondertussen ook dat de staat maar aansprakelijk zal zijn op twee mogelijke manier.

  • Of wel wordt de genocide uitgevoerd door organen van de staat. Komt uit het regime van de staatsaansprakelijkheid.
  • Of wel wordt de genocide uitgevoerd door personen of een groep waarbij de genocide kan worden toegerekend aan de staat.

Herinner u, wanneer we het hebben over organen van de staat, dat optreden of nalaten wordt altijd toegerekend aan de staat, omdat het gaat om staatsorganen. Als het gaat om andere groepen, zoals bij de gijzelaarszaak, dan stelt zij de voorwaarde van toerekenbaarheid.  In dit geval gaat het niet alleen om CAH, maar om genocide aan schending van Joeskogis, de absolute norm. Tot welke conclusie komt het hof nu met betrekking tot wat er zich daadwerkelijk heeft afgespeeld op het grondgebied van Bosnië. Het hof: er zijn massale slachtpartijen geweest, er zijn ook systematische schendingen geweest van de rechten van groepen die eigenlijk beschermd moeten worden, maar zegt het hof: er is geen overtuigend bewijs dat die speciale voorwaarde van artikel 2 vervuld is. De uitdrukkelijke bedoeling om bij de slachtpartijen diegene om te brengen alleen omdat ze behoren tot een bepaalde groep, daarvoor moet bij het hof een voertuigend bewijs worden geleverd.  Dat betekent meteen even ter zijde, dat men m.b.t. daden van genocide, de bewijslast ligt hier anders, want het gaat om staatsaansprakelijkheid, niet individueel. Er dus geen bewijs van die uitdrukkelijke bedoeling. En zonder die uitdrukkelijke bedoeling zijn het gewoon slachtpartijen.

Er is 1 uitzondering: de slachtpartij in Srebrenica. Nu toen men de conventie opstelde aan het einde van WOII, toen dacht men aan wat er gebeurd was tijdens de Holocaust en maakte men de kern van de beschrijving van wat genocide is en met de Holocaust in herinnering ging men ervan uit dat als er nog een genocide zou zijn, dat dit zou verlopen volgens hetzelfde scenario. Namelijk dat het heel gemakkelijk zou zijn om na die genocide die aparte bedoeling te bewijzen. Bij de nazi’s was dit gemakkelijk en stond dit in stukken. Probleem is natuurlijk dat WOII, staten of individuen die van plan zijn of waren genocide te plegen wel twee keer nadenken voor ze een uitgewerkt op papier zouden zetten. Want stel er zou strafvervolging zijn en er zijn papieren die alles gemakkelijk kunnen bewijzen. Dus moet het hof die bedoeling op een andere manier bewijzen. M.b.t. de slachtpartij in Srebrenica komt het hof tot de conclusie dat die bedoeling er weldegelijk was door vast te stellen dat de Bosnische Servische troepen, Bosnische-Serviërs hun militaire strategie hebben gewijzigd m.b.t. een safe area. Dus de Bos-Servische troepen hebben op een bepaald moment voor de gebeurtenissen hun tactiek en strategie gewijzigd en dat kan alleen maar uitleg zijn  voor: hier is een moslimenclave en hier gaan we mensen ombrengen, niet om terrein te winnen, maar omdat ze behoren tot die religieuze groep., Het hof aanvaardt de kwalificatie genocide, maar alleen m.b.t. de enclave zelf. De claim van Bosnië dat genocide ook plaatsvond op het grondgebied zelf is niet aanvaard. Daarop is kritiek gekomen.

{{extraAds}}

Om Servië aansprakelijk te stellen voor handelingen op het grondgebied van Bosnië, moet het bewezen worden. Men zegt: kijk naar de rest van Bosnië, hele slachtpartijen en een oorlogsmachine die op gang gebracht was en er was ethnic cleansing, gebieden van Bosnië worden gezuiverd van de leden van een bepaalde etnische groep. Er was dus een gedragspatroon over het hele grondgebied van Bosnië, niet alleen Srebrenica, dat is kritiek op het hof. En dat patroon, daarbovenop ethnic cleansing, kunnen niet anders aantonen dan dat de Bosnische Serviërs genocide wilden plegen.

En zoals later ook gebeurd is m.b.t. Darfur heeft de president gezegd: jullie beschouwen het wel als ethnic cleansing, maar wij drijven mensen gewoon voor ons uit om gebied te behouden en niet de groep als groep willen vernietigen.  De conventie zegt: genocide in oorlogstijd en vredestijd. Massale slachtpartijen die tijdens een gewapend conflict gebeuren is dat genocide? Dat hangt ervan af. Wie van plan is om daden van genocide te plegen kan beter wachten tot er een gewapend conflict uitbreekt, want als een dorp van 30.000 mensen wordt uitgeroeid, dan is het oorlogsmisdaad, maar niet perse een daad van genocide. Want zeker tijdens een gewapend conflict is het moeilijk te bewijzen dat perse dat dorp werd vernietigd voor genocide. Dus de kwalificatie zal dan afhankelijk zijn van de mogelijkheid van de uitdrukkelijke groep om dit te bewijzen.

4. Staatsaansprakelijkheid vereist de TOEREKENBAARHEID aan de staat.

Nu, de zaak die Bosnië heeft aangespannen, die is aangespannen tegen de staat Servië.  Tijdens de Bosnische oorlog, die enkele jaren heeft geduurd, bestond op Bosnisch grondgebied de Publica Srpska, politieke entiteit gecreëerd door de Bosnische Serviërs onder leiding van meneer Mladic.  De toerekenbaarheid wat zegt het hof daarover: we zullen meteen een parallel zien met vorige arresten van het hof: het hof zegt: Servië heeft aanzienlijke militaire en financiële steun gegeven aan de Bosnische Serviërs, maar ten tweede, het is het leger van die Republica Srpska met Mladic dat de genocide heeft uitgevoerd. Dus aan de ene kant is er aanzienlijke financiële steun op het groengebied, maar de daden van genocide zijn gepleegd door het Bosnisch Servische leger. Ze wilden natuurlijk een uitspraak, dat het gepleegd werd door Servië, maar ja.

  • Die genocide is volgens het hof niet uitgevoerd door staatsorganen van Servië, want dat is de gemakkelijkste stap, om te kijken of het organen van Servië waren, dan is de toerekenbaarheid meteen opgelost. Het Servische leer heeft dus niet rechtstreeks of onrechtstreeks deelgenomen aan de daden van genocide.
  • De tweede mogelijkheid is dat de Republica Srpska een staatsorgaan is van Servië. Als het leger, de jure, een orgaan is van Servië dan is het meteen toerekenbaar. Het hof zegt: het leger onder leiding van Mladic en politieke leiding Karachiz oefenden het gezag uit. Dus die mogelijkheid is ook uitgesloten.
  • Derde mogelijkheid, het gaat om de facto organen van Servië. Misschien was de leiding van republica Srpska geen orgaan van Servië, maar in de werkelijkheid wel. Om dat te bewijzen is er afhankelijkheid nodig van die republica ten opzichte van de staat Servië.  Natuurlijk was er aanzienlijke steun vanuit Servië aan de Bosnische Serviërs, maar zegt het hof: de steun was er, maar was niet van dien aard dat het Bosnische leger zijn operaties niet alleen had kunnen uitvoeren. Er was massale steun, maar zonder die steun zou het Bosnische Servische leger zijn operatie kunnen uitvoeren. Er was een mate van afhankelijkheid, maar niet gehele. Er waren meningsverschillen over de strategie tussen Servië en de republica. Het feit dat er meningsverschillen waren bewijst volgens het hof dat die Republica Srpska een voldoende mate van onafhankelijkheid had. Een parallelle situatie in het oosten is die van de hamas in het Midden-Oosten. Hamas kun je niet beschouwen als een de facto orgaan van de Palestijnse overheid.

Dus de genocide is niet uitgevoerd door Servië. Geen directe organen, maar ook geen de facto organen.

  • Controle, artikel 8. Misschien stond het Bos-Servische leger bij het uitvoeren van die genocide wel onder de controle van de Serviërs. Bij de Nic. Zaak al: het hof kwam terug op het controle criterium en hier komt dit criterium van de staatsaansprakelijkheid opnieuw naar voren.  Dus 10 jaar na de uitspraak in de Nic. Zaak houdt het hof vast aan het Nic. Criterium. Hof: om Servië aansprakelijk te stellen via de controle is het nodig dat die controle kan worden bewezen voor elke afzonderlijke operatie die strijdig is met schending van volkenrecht. Operationele effectieve controle. Het hof vraagt niks minder dan dat de Serviërs de tactische operationele controle op het terrein hadden om te zeggen: dat is een safe area, daar zitten VN troepen, die moet je aanvallen en die mensen ombrengen. Dat zou nodig zijn om die controle te bewijzen.
  • Artikel 16 / Artikel 3e.Een laatste mogelijkheid om Servië aansprakelijk te stellen, toerekenbaarheid. Die houdt verband met aan de ene kant artikel 16 van de staatsaansprakelijkheid en aan de andere kant artikel 3 van de genocide conventie.  Zoals al een aantal keren is gezegd: staten kunnen in dit geval genocide, of wel zelf plegen, gebruik van een de facto orgaan, zorgen voor operationele controle op een terrein om te zorgen dat het wordt uitgevoerd zoals Servië wenst. Maar artikel 16 heeft het ook over staatsaansprakelijkheid als er hulp geboden wordt aan een andere staat die schendingen begaat. Artikel 16 heeft het over ai dor assistence.  Een staat die zegt: die schending van volkenrecht ga ik niet zelf begaan, maar ik ga alle hulp geven aan een staat zodat zij het kunnen begaan. Een andere mogelijkheid is artikel 3 in de conventie in zake genocide: wat is er allemaal strafbaar?
  1. Genocide zelf
  2. Oproepen
  3. Een poging
  4. Maar ook MEDEPLICHTIGHEID

Medeplichtigheid. Gaat het nu om hetzelfde, is het ongeveer hetzelfde? Hof: artikel 16 van staatsaansprakelijkheidregime zegt dat de hulp en bijstand die verleend wordt aan staat B, dat staat A aansprakelijk zal zijn, als staat A kennis heeft van de schending van het volkenrecht door staat B. Artikel 3 van de genocide conventie spreekt van medeplichtigheid. Geen details over wat voor medeplichtigheid. Dus aan de ene kant zou Servië aansprakelijk kunnen zijn omdat het door financiële en militaire steun hulp heeft verstrekt. En het hof heeft gezegd dat er militaire steun was. Maar of het artikel 16 of artikel 3 is?

Wat ontbreekt er?

Hof: “Servië was not fully aware”, niet volledig op de hoogte dat die financiële en militaire middelen gebruikt zouden worden om genocide te plegen. Dat is natuurlijk in het algemeen verband met artikel 16 een bijzondere bewijslast, want dan moet je bewijzen dat de wapens voor een embargo heeft geleverd, dat door die wapens schendingen van volkenrecht waren begaan, maar ook dat er Kennis was van het feit dat die wapens gebruikt zouden worden voor een bepaald doel. Er was dus militaire steun, maar Servië was not fully aware.

{{extraAds}}

5. “Duty to prevent”.

De conclusie met betrekking tot de aanklacht Servië heeft genocide gepleegd op het grondgebied van Bosnië. Hof: er is alleen genocide gepleegd in Srebrenica en die genocide is niet toe te rekenen aan Servië, niet rechtstreeks en ook niet onrechtstreeks. Wat de genocide zelf betreft gaat Servië dus vrijuit. Maar omdat de Republica Srprska geen echte staat was werd Servië aangesproken.  Maar is daarmee alles gezegd? Natuurlijk niet. Er is ook nog “The duty to prevent”. Servië had niet alleen de verplichting om de genocide niet zelf te plegen, maar de verplichting om genocide te voorkomen.

Om een staat schuldig te verklaren aan die preventieplicht verzuimen. Wat moet er bewezen worden voor het hof? Het is voldoende dat een staat op de hoogte was of op de hoogte had moeten zijn van het risico. Dus de preventieplicht slaat op situaties waar een staat op de hoogte is of had moeten zijn dat er een risico was dat er genocide zou worden gepleegd. Nu is er die financiële en militaire steun en door die steun zegt het hof: had Servië zijn invloed kunnen gebruiken op de Bosnische Serviërs.  Dus de aanzienlijk financiële en militaire steun had het voor Servië mogelijk gemaakt om ervoor te zorgen dat de Bosnische Serviërs geen genocide zouden toepassen.

  • Artikel 1 van de conventie
  • Voorgelegde maatregelen

Betekent die preventieplicht dat je probeert de genocide te voorkomen of je deze nog echt daadwerkelijk voorkomt. Strekt je preventieplicht zo ver, dat je erin moet slagen om de genocide op het terrein voorkomt? Nee, hof: er is geen resultaatsverplichting. Het is voldoende om de nodige maatregelen te nemen. Als je over de middelen beschikt, zoals hier, en je doet het niet, dan schendt je de preventieplicht.  M.b.t. duty to prevent: er is militaire en financiële steun en Servië had hierdoor de middelen om de genocide te voorkomen en waren op de hoogte van het risico. Servië wordt dus schuldig verklaard aan de duty to prevent. Dus alleen de schending van de preventieplicht blijft over uit de procedure van Bosnië voor het hof.

Er is natuurlijk een probleem om de eenvoudige reden dat met betrekking tot de daad van genocide zelf door medeplichtigheid van aid/assistence, optie 4e bovenstaande, maar dan had Servië op de hoogte moeten zijn. Terwijl ze daarna zeggen dat Servië op de hoogte was of op de hoogte hoorde te zijn bij de duty to prevent. Dat is de contradictie in dit arrest: want “fully aware” had hier ook beredeneerd kunnen worden. Het hof heeft dus voor de uitkomst gekozen dat Servië niet aansprakelijk is voor de genocide zelf, maar wel schuldig aan de preventieplicht.

De reden voor die rechterlijke politieke beslissing, de reden voor die uitspraak zegt men: dat de achterliggende reden er alles mee te maken had dat op het moment dat die uitspraak zou vallen en ze schuldig zouden zijn verklaard, het voldoende zou zijn om het conflict in Bosnië opnieuw te doen oplaaien. Het dillema tussen peace and justice. Door Servië alleen schuldig te verklaren bij de preventieplicht wordt de schade mb.t. de vrede beperkt.

Wat nog meer met die preventieplicht? De normale en de vroegere interpretatie van de genocide conventie: er is een preventieplicht, de nodige maatregelen nemen en als we denken dat er ergens op de wereld genocide plaatsvindt, dan schrijven we een brief naar de VR volgens artikel 8. Het hof zegt hier in de Bosnië, en dat is een verdere stap tot uitbreiding van de genocide conventie, als de VR maatregelen heeft genomen om een genocide te voorkomen of te stoppen, dan houdt de preventieplicht van de staten niet op!!!. De preventieplicht blijft doorlopen samen met de maatregelen/acties van de VR. Staten moeten dus alle mogelijke middelen (militair?) waarover ze beschikken om een ernstige poging te ondernemen om genocide te voorkomen op het grondgebied. Of deze lukt of niet is niet beslissend voor de nakoming van de preventie.

 6. Verplichting om over te gaan tot strafvervolging.

Artikel 1 van de conventie. Zoals we allemaal weten heeft het regime van Milosovic geweigerd om over te gaan tot strafvervolging van diegene die individueel aansprakelijk werden gehouden voor die genocide. Het hof: Servië is schuldig aan schending van de preventieplicht en de vervolgingsplicht.  Het regime heeft jaren geweigerd om samen te werken met het Joegoslaviëtribunaal. Het hof gaat in op alle mogelijke wreedheden die begaan zijn, met verschillende plaatsen, maar het materiaal wordt gehaald uit de jurisprudentie van het Joegoslaviëtribunaal. Want het tribunaal op zijn beurt al tot de overtuiging gekomen was dat er daden van genocide waren gepleegd. Het hof heeft het bewijs dus overgenomen van het Joegoslaviëtribunaal mb.t. wat er gebeurd is op het terrein.

Het hof: de poging om genocide te plegen. Dat leidden we af door de wijziging van de strategie een dag voor het geheel. Uit het Joegoslaviëtribunaal is gebleken dat al maanden van te voren de plannen op tafel lagen voor Srebrenica.

7. Garanties.

Bosnië wil garanties van het hof dat er niet opnieuw genocide wordt gepleegd. Hof: dat verzoek is wel algemeen geformuleerd, daar kunnen we niet veel mee. Maar ten tweede is het niet opportuun om bijkomende maatregelen op te leggen. In dezelfde context van: de vrede op het terrein is te belangrijk. Hof: garanties voor de toekomst, dat betekent dat wij aan Servië maatregelen opleggen om toekomstige problemen te voorkomen, dat gaan we niet doen, want dat is niet opportuun.

Er is een alinea waar het hof zegt: dit zijn de verplichtingen van Servië tegenover het Joegoslaviëtribunbaal en daar moet u aan voldoen. Deze weigering van het hof is ook gedeeltelijk te verklaren door de aanwezigheid van de internationale strijdmacht op het terrein. De 1000en soldaten die er zijn om te zorgen dat het Daten akkoord naleven.


Auteursinformatie


Geschreven artikelen: 31
Leden aangebracht: 1

Meer uit de categorie verslagen-scripties

Voor jou 10 anderen

voor jou 10 anderen is een boek van mirjam oldenhave en cynthia van eck

Ik wil mijn kerk terug!

In de Franse tijd verloor de hervormde kerk rechten, maar in de praktijk hadden de niet-hervormden er weinig aan

Referaat ex-criminelen

Ontstaan monarchie in Nederland

Geschiedenis van de Nederlandse monarchie

Welke elementen zijn kenmerkend in de poëzie van M. Vasalis?

De kenmerken in de poezie van M. Vasalis die haar gedichten zo gevoelig en mooi maken.