Implementatie factoren die het implementatieproces beïnvloeden.


Publicatie datum:

Beschrijving van verschillende factoren die het implementatieproces kunnen beïnvloeden.

Gesponsorde koppelingen

Het implementatieproces wordt door verschillende factoren verder geholpen of juist belemmerd. Deze factoren zijn uiteenlopend van aard en zijn onder te brengen in een aantal categorieën (ZonMw, 2007): de vernieuwing zelf, degene die de vernieuwing gaan toepassen, de sociale omgeving en de organisatorische context. Hieronder staan per categorie de factoren toegelicht.

1) Factoren vanuit de vernieuwing

De vernieuwing zelf omvat factoren die het implementatieproces bevorderen of belemmeren. Deze factoren worden hieronder toegelicht.

 

1.1 Voordelen en nadelen van de vernieuwing

Wanneer een vernieuwing veel voordelen met zich meebrengt, en maar weinig nadelen, zijn er weinig redenen om deze vernieuwing niet toe te passen in de praktijk. Veel voordelen ten opzichte van de nadelen, bevorderen dus het implementatieproces.

 

1.2 Geloofwaardigheid

Wanneer het aannemelijk is dat een vernieuwing voor verbetering zorgt van de huidige situatie, zal dit de kans op implementatie vergroten. Wanneer een programma geloofwaardig overkomt, zal er eerder worden gestart met de implementatie van het programma, dan wanneer dit niet zo is.

 

1.3 Behoefte van de gebruikers

Wanneer de toekomstige gebruikers behoefte hebben aan de vernieuwing, zal dit de implementatie ten goede komen. Zij zien in wat het belang is van de interventie en welke voordelen dit hen zal opleveren. Als de behoefte sterk genoeg is, zullen er oplossingen worden gevonden voor de eventuele knelpunten en kan de implementatie van start gaan.

 

1.4 Mate waarin de vernieuwing aansluit op bestaande normen en waarden

In organisaties heersen bepaalde normen en waarden. Wanneer de interventie binnen de bestaande normen en waarden valt, zal dit de kans op implementatie vergroten. Normen en waarden beïnvloeden de keuzes die worden gemaakt binnen een organisatie. Dus ook de keuze voor een interventie al of niet te gebruiken.

 

1.5 De mogelijkheid om de vernieuwing eerst op kleine schaal uit te proberen en aan te passen

Wanneer er een mogelijkheid bestaat om het eerst op kleine schaal uit te proberen, kan een organisatie proefondervindelijk er achter komen wat ze van de interventie vinden. Iets op kleine schaal doen, kost minder tijd dan het gehele project. Wanneer een organisatie dan niet overtuigd is van het succes en belang van de interventie, kan een organisatie ermee stoppen zonder dat het de organisatie veel tijd heeft gekost. Door uitproberen op kleine schaal kan de interventie bijgesteld en geoptimaliseerd worden, voordat deze op grotere schaal wordt uitgevoerd (Kok, H., 2005).

 

1.6 De mate waarin het lukt om helder te formuleren wat de vernieuwing is

Helderheid over de vernieuwing is belangrijk voor de beeldvorming van de gebruikers. Een betere beeldvorming heeft een positieve invloed op de implementatie. De wijze van informeren dient dusdanig te zijn dat betrokkenen precies weten wat het nieuwe project inhoudt en hoe het project geïmplementeerd wordt. Inspelen op vragen en ruimte bieden voor eigen inbreng verhoogt de motivatie (Mijnheer, K., 2004).

 

1.7 Het gemak (of de complexiteit) die het toepassen van de vernieuwing met zich meebrengt

Ook de eisen die een vernieuwing stelt, zijn van invloed op de implementatie. Vernieuwingen die complex zijn, zullen moeilijker worden geïmplementeerd. De complexiteit van een vernieuwing heeft te maken met de hoeveelheid tijd die de invoering kost, de handelingen die gedaan moeten worden en de organisatie die er mee gemoeid is. Deze factor speelt een rol in de fasen analyse, initiatie en uitvoering (zie ook artikel Implentatieproces met behulp van 10-fasenmodel).

 

1.8 De tijd die het vraagt om de vernieuwing in te voeren

Hoe minder tijd de organisatie kwijt is aan de invoering van een interventie, des te eerder zullen zij er voor kiezen om mee te doen aan deze interventie. Alleen wanneer de vernieuwing aantoonbare voordelen of winst levert, wordt er tijd geïnvesteerd in het implementatieproces.

 

1.9 De mogelijkheid om later te meten of de vernieuwing heeft geholpen

Door tussentijdse (positieve) resultaten te tonen, kan eventuele weerstand vermeden worden en wordt men gemotiveerd om verder te gaan met hun taken wat betreft de implementatie. Positieve resultaten achteraf kunnen bijdragen aan het behoud van het draagvlak en daardoor verankering van de interventie.

 

1.10 De mate van garantie dat de innovatie zal lukken

Wanneer er een grote kans bestaat dat de innovatie effect zal hebben, verloopt het proces van implementatie gemakkelijker dan wanneer dit niet het geval is. Wanneer men geen vertrouwen heeft in een succesvolle implementatie van de interventie, zullen zij niet van start gaan met het implementatieproces.

 

2) Factoren van degene die de vernieuwing gaan toepassen

De personen die de vernieuwing gaan toepassen, spelen bepaalde factoren een rol die de implementatie zouden kunnen bevorderen of belemmeren. Hieronder staan deze factoren beschreven.

 

2.1 Kennis en vaardigheden

Kennis, voornamelijk kennis die te maken heeft met de capaciteiten en vaardigheden die men heeft om de vernieuwing toe te passen, is van belang bij de implementatie van een vernieuwing. Kennis is een van de determinanten voor gedrag. Zonder kennis en vaardigheden is het niet mogelijk om de implementatie te starten. Voor kennis geldt dat ‘weten’ een voorwaarde kan zijn voor het ‘doen’, maar dat ‘weten’ zelden genoeg is voor het werkelijke uitvoeren (Brug, J., 2003).

 

2.2 Opvattingen en houding

Opvattingen over de interventie beïnvloeden de houding ten opzichte van de interventie. Bij positieve opvattingen, zal de houding ten opzichte van de interventie ook positief zijn. Een positieve houding kan bijdragen aan een goede en volledige uitvoering van het programma.

 

2.3 Behoeften en prioriteiten

Wanneer er behoefte is aan een interventie, betekent dit niet dat deze interventie ook prioriteit heeft. Dit is afhankelijk van de attitude ten opzichte van het probleem waarop de interventie gericht is. Attitudes sturen het gedrag. Dus wanneer een attitude zo kan worden veranderd dat de personen die de vernieuwing gaan toepassen, het belang van de interventie inzien, kan er gedragsverandering plaatsvinden. Er zijn twee factoren die ervoor zorgen dat de attitude gedrag stuurt: beschikbaarheid van de attitude en de relevantie van de attitude. Een attitude is beschikbaar wanneer je eraan kunt denken, als je weet dat je een standpunt hebt over een onderwerp. Een attitude is relevant als deze betrekking heeft op een actuele situatie. Wanneer men niet de relevantie inziet dan kan je deze beïnvloeden door men te informeren over de interventie en op die manier te overtuigen van het belang van deze interventie (Brug, J., 2003).

 

2.4 Bestaande routines en gedrag

Veel gedrag kan worden geschetst als een ‘gewoonte’. Gewoontes kenmerken zich doordat zij niet meer aan bewuste denkprocessen onderhevig zijn (Brug, J., 2003). Wanneer een vernieuwing in strijd is met de huidige routines en gedrag, kan de implementatie voor problemen zorgen. Mensen zijn geneigd vast te houden aan hun huidige werkwijze waarmee ze bekend zijn. Het doorbreken van een huidig handelingspatroon wordt meestal als vervelend ervaren (Alblas, G., 2001).

 

2.5 Ervaring met eerdere vernieuwingen en eigen effectiviteit

Resultaten van soortgelijke programma’s zijn afhankelijk voor het succes van implementatie van het nieuwe programma. Wanneer eerdere projecten zijn gestrand, zal er weinig vertrouwen zijn om dit wel tot een goed einde te kunnen brengen (Brug, J., 2003).

 

3) Sociale context

Vanuit de sociale context komen verschillende factoren naar voren. Deze worden hieronder beschreven.

 

3.1 Houding en het gedrag van collega’s, zoals hun interesse in de vernieuwing en de bereidheid om daaraan bij te dragen

Wanneer de interesse voor een interventie groot is, zal dit de implementatie ten goede komen. Als collega’s met elkaar spreken over de interventie kunnen zij ideeën opdoen, van elkaar leren en feedback geven. Gedrag zal eerder veranderen en langer volgehouden worden als het gesteund wordt door de sociale omgeving (Kok, H., 2005).

 

3.2 Houding van de gebruikers: zoals hun kennis, houding, verwachtingen, behoeften en prioriteiten

Mensen zijn geneigd vast te houden aan hun huidige werkwijze waarmee ze bekend zijn. Het doorbreken van een huidig handelingspatroon wordt meestal als vervelend ervaren (Alblas, G., 2001). Hun houding ten opzichte van de vernieuwing is dan niet positief en dit zal de implementatie niet ten goede komen. Wanneer er behoefte is aan een interventie, betekent dit niet dat deze interventie ook prioriteit heeft. Dit is afhankelijk van de attitude ten opzichte van het probleem waarop de interventie gericht is. Attitudes sturen het gedrag. Dus wanneer een attitude zo kan worden veranderd dat de gebruikers het belang van de interventie inzien, kan er gedragsverandering plaatsvinden. Er zijn twee factoren die ervoor zorgen dat de attitude gedrag stuurt: beschikbaarheid van de attitude en de relevantie van de attitude. Een attitude is beschikbaar wanneer je eraan kunt denken, als je weet dat je een standpunt hebt over een onderwerp. Een attitude is relevant als deze betrekking heeft op een actuele situatie. Wanneer de gebruikers niet de relevantie inzien, dan kan je deze beïnvloeden door de gebruikers te informeren over de interventie en op die manier te overtuigen van het belang van deze interventie (Brug, J., 2003).

 

3.3 Werksfeer en sociale interactie

Mensen kunnen leren door anderen te observeren. Bij het waarnemen van gedrag bij een ander, leert men hoe hij/zij dit gedrag zelf kan uitvoeren, en welke consequenties (beloningen of straffen) dat gedrag zal hebben (Brug, J., 2003). Wanneer men bij een ander ziet dat de vernieuwing positief wordt bevonden, dan zal de kans dat men dit overneemt groot zijn. Op deze manier kan sociale interactie de implementatie bevorderen. Wordt de vernieuwing negatief bevonden door een ander, dan kan sociale interactie de implementatie juist belemmeren. Een goede sfeer kan een positieve bijdrage leveren aan de uitvoering van het programma.

 

3.4 Cultuur binnen de organisatie

Wanneer men gezamenlijk een bepaald doel nastreeft, zal de kans op een succesvolle implementatie groter zijn dan wanneer dit niet het geval is. Voor een goede implementatie is het belangrijk dat er goed wordt gecommuniceerd binnen een organisatie. Er moeten duidelijke afspraken worden gemaakt over de taakverdeling, rolverdeling en er moeten duidelijke structuren worden ontwikkeld voor overleg en informatie-uitwisseling (Grol, R., 2006).

 

3.5 Stijl van leiderschap binnen de organisatie

Uit onderzoek is naar voren gekomen dat er twee verschillende stijlen van leidinggeven zijn: relatiegericht en taakgericht (Alblas, G., 2001). Bij de eerste stijl richten leiders hun gedragingen op het bevorderen van goede relaties met en binnen de groep van ondergeschikten. Bij deze relaties is er sprake van wederzijds vertrouwen, tweerichtingscommunicatie en wordt er geluisterd naar ideeën en gevoelens van anderen. Leiders van deze stijl hebben meer tijd om te luisteren naar problemen van collega’s, en zijn bereid zich door hen te laten beïnvloeden. Bij de taakgerichte stijl richten leiders hun gedragingen op een goede taakuitvoering door hun ondergeschikten. Leiders zijn bezig met plannen, instrueren, taken uitstippelen, normen aan de uitvoering stellen en controleren. De stijl van leiderschap heeft invloed op de aansturing van de interventie. Dit kan zowel een positieve als een negatieve invloed zijn op de implementatie, afhankelijk van de organisatiecultuur en hoe medewerkers aangestuurd willen worden.

 

4) Organisatorische context

Met de organisatorische context wordt bedoeld hoe een interventie binnen een organisatie geregeld wordt. Ook hier spelen factoren een rol die de implementatie op een positieve of negatieve manier beïnvloeden.

 

4.1 De manier waarop besluitvormingsprocessen plaatsvinden

Wanneer er bij besluitvormingsprocessen een grote betrokkenheid is van alle personen uit een organisatie, zal dit de implementatie ten goede komen. Er wordt namelijk voordat er een gezamenlijk besluit wordt genomen, met elkaar gesproken over de vernieuwing. Voor- en nadelen worden besproken en knelpunten worden opgelost. Mensen die eerst negatief tegenover de interventie stonden, kunnen worden overgehaald door mensen die wel een positieve houding hebben ten opzichte van de interventie. Uiteindelijk zal op die manier een ieder enthousiast zijn om met de implementatie van start te gaan.

 

4.2 De grootte en structuur van de organisatie

De grootte en structuur bepaald mede de complexiteit en de duur van het nemen van een beslissing. Wanneer een organisatie sterk gelaagd is, duurt het langer voordat een daadwerkelijke beslissing genomen is, omdat er veel verschillende mensen moeten meebeslissen.

 

4.3 De wijze waarop de interventie is georganiseerd

Een goede organisatie van een interventie is van belang bij de implementatie ervan. Vragen of onduidelijkheden moeten snel worden kunnen opgelost om de implementatie niet te stagneren.

 

4.4 De aanwezigheid van personeel

Wanneer in een organisatie niet altijd al het personeel aanwezig is, is het belangrijk dat de afspraken die worden gemaakt ook worden doorgegeven aan degene die afwezig waren. Zo worden misverstanden voorkomen en zal de implementatie niet vastlopen.

 

4.5 Logistieke processen

Wanneer er bij de implementatie van een vernieuwing logistieke processen zijn, is het voor de implementatie van belang dat dit goed wordt uitgevoerd. Er moeten duidelijke afspraken worden gemaakt zodat de implementatie niet vastloopt doordat het logistieke proces slecht geregeld zou zijn.

 

4.6 Het communicatiebeleid en de stijl van communiceren

Communicatie is belangrijk bij het implementeren van een interventie. Er moeten duidelijke afspraken worden gemaakt om de invoering goed te laten verlopen. En deze afspraken moeten ook naar alle betrokkenen worden overgebracht. Goed geïnformeerde doelgroepen dragen bij aan een succesvolle uitvoering

Gesponsorde koppelingen

Auteursinformatie


Geschreven artikelen: 4
Leden aangebracht: 0

Meer uit de categorie zakelijk

Wat is de kracht van een goed logo?

Een goed logo moet eigentijds zijn en dus om de paar jaar worden gerestyled.

Transportband: de drijvende kracht voor veel bedrijven

Een transportband kan in veel branches ingezet worden. Er zijn veel verschillende soorten transportbanden in gebruik.

Hoe kies je een nieuw CMS?

Is je bedrijf toe aan een (nieuw) CMS? Hoe kies je de juiste die bij je wensen en je bedrijf past?

Tips ter preventie van overval bij bedrijven

Bang voor een overval of inbraak? Hier enkele tips welke je als ondernemer toe kunt passen om de kans hierop zo klein mogelijk te maken.

Welke starters moeten een bedrijfsplan maken?

Een bedrijfsplan maken is een must voor elke ondernemer. Maak een ondernemersplan en wordt meer succesvol.

Ondernemer 10:

Het eigen bedrijf, diverse aspecten die van groot belang zijn.

Ondernemer 2

Het eigen bedrijf, diverse aspecten die van groot belang zijn.

Hoog in Google.de! Hoe doe je dat?

Hoog in de Duitse Google is voor veel mensen een probleem, leer nu hoe je dit zelf kunt doen of laten uitbesteden!

Wat is de beperkingentheorie of Theory of constraints (TOC)?

TOC is een managementtheorie, ontwikkeld door Eliyahu Goldratt. Wat is TOC management?

Inschatting van het frauderisico op grond van COS 240

Een korte handleiding voor de inschatting van het frauderisico op grond van COS 240

Begin je eigen gratis webwinkel, begin je eigen gratis webshop

Lees hier hoe je gratis je eigen webwinkel kunt beginnen zonder investering.

Goedkoop een stamrecht BV oprichten

Hoe kun je het voordeligst een stamrecht BV oprichten inclusief notaris?

Laat Klanten Je Bedrijf Verkennen Met Een Virtuele Tour

Voor bedrijven heeft een virtual tour een groot aantal voordelen. Het helpt ze om je bedrijf te verkennen. Deze interactieve technologie dient als een uitstekende marketing tool.

merktemplate.

Wat een merktemplate is en hoe die opgebouwd wordt.

Extras voor op kantoor

Lees hier alles over hoe je je werknemers motiveert.

Wat is dat eigenlijk, een opstalverzekering?

Wat is een opstalverzekering? Is een opstalverzekering voor iedereen verplicht? En hoe sluit je een opstalverzekering af?

Waarom investeren in een huisstijl ontwerp?

Redenen waarom een huisstijl ontwerp rendabel is voor je organisatie.

Speurders.nl, marktplaats Speurders

Op Speurders.nl vind je aanbiedingen, tweedehands en nieuw, te koop gevraagd en aangeboden.

Organisatiekunde.

De manier van organisatievoering door de jaren heen.

Gamma Holding overgenomen door Gilde en Parcom

Gamma holding is overgenomen door Parcom en Gilde Buy out partners

Ondernemer 11:

Het eigen bedrijf, diverse aspecten die van groot belang zijn.

Waarom boycot Rusland groente en fruit uit Europa?

Wat is het belang van Rusland bij een boycot van alle groente en fruit uit Europa?

Wordt gevonden in Google

Veel mensen willen met hun website goed gevonden worden in Google. Maar hoe gaat dat eigenlijk in zijn werking?

Plan van Aanpak

Voor een goede start van een project is een Plan van Aanpak noodzakelijk.

De kunst van het verleiden van de consument.

De consument is steeds moeilijker te verleiden, het is dus de kunst om de consument te verleiden.